Familie van de rabarber
Rabarber (Rheum) behoort tot de duizendknoopfamilie (Polygonaceae). In deze familie zitten ook de duizendknopen (Fallopia), perzikkruiden (Persicaria) en zuringen (Rumex).
De naam duizendknoop verwijst naar de verdikkingen in de stengels. Deze worden knopen genoemd. Duizend zijn het er overigens bij lange na niet!
Binnen deze familie staan de bladeren bijna altijd verspreid langs de stengel. De meeste vertegenwoordigers van de Polygonaceae zijn kruidachtige planten.
Rabarber in het algemeen
Er bestaan meer dan vijftig soorten rabarber en de plant wordt al duizenden jaren voor diverse toepassingen gebruikt. Aanvankelijk vooral vanwege de geneeskrachtige eigenschappen, later ook als voedselplant.
Daarbij is enige voorzichtigheid belangrijk. De bladeren van rabarber zijn niet eetbaar. Ze bevatten onder andere oxaalzuur en kunnen schadelijk zijn wanneer ze worden gegeten. Bovendien zijn niet alle rabarbersoorten geschikt om te eten.
De bladeren van rabarber zijn meestal groot en hartvormig met een gegolfde rand. Sommige soorten krijgen bladeren met een diameter van 30 tot 50 centimeter, en een volwassen plant draagt veel bladeren tegelijk.
Rabarber groeit in pollen. De bladstelen komen rechtstreeks uit de korte, dikke wortelstok en kunnen groen, rood of een kleur daartussenin zijn. Ook de bloemen verschillen per soort. De pluimvormige bloeiwijzen kunnen bijvoorbeeld wit, groenachtig of roze zijn.
Alle rabarbersoorten zijn vaste planten. In een gematigd klimaat zoals dat van Nederland sterft het bovengrondse deel in de winter af. De wortelstok blijft echter in leven en loopt het volgende voorjaar opnieuw uit.
Verschillende rabarbersoorten zijn bovendien van oudsher bekend om hun geneeskrachtige toepassingen. Vooral Rheum officinale en Rheum palmatum hebben hierin een lange geschiedenis.
Vier bekende rabarbersoorten
In dit blog bespreken we vier soorten:
- Rheum officinale – Chinese rabarber
- Rheum palmatum – Turkse rabarber
- Rheum rhabarbarum – tuinrabarber
- Rheum rhaponticum – valse of Siberische rabarber
Deze vier soorten zijn gekozen omdat ze van oudsher worden gebruikt als geneeskrachtige plant, voedselplant of sierplant.
Rheum officinale
Chinese rabarber
Rheum officinale wordt ook wel Chinese rabarber genoemd. De soortnaam officinale geeft al een aanwijzing over de geschiedenis van deze plant: ze werd van oudsher gebruikt als geneeskrachtige plant.
Tegenwoordig komen we Chinese rabarber ook tegen als sierplant.
De bladeren lijken op die van groot hoefblad (Petasites hybridus). De bladstelen zijn rood.
Let op: deze soort is niet geschikt om te eten.
Rheum palmatum
Turkse rabarber
Rheum palmatum wordt ook wel Turkse rabarber genoemd. Deze soort valt vooral op door haar indrukwekkende bladeren. Die kunnen tot ongeveer 75 centimeter lang worden en zijn daarmee een stuk groter dan de bladeren van tuinrabarber.
Ook de plant zelf kan flink uitgroeien: tot ongeveer anderhalve meter breed en tot drie meter hoog.
Het blad kan groenpaars tot felrood kleuren en heeft een handvormige structuur. De diepe insnijdingen doen denken aan de vijf vingers van een hand en lijken daardoor ook wel op het blad van een esdoorn (Acer).
De bloemen verschijnen in het voorjaar en kunnen tot halverwege de zomer te zien zijn. Ze kunnen geel of rood van kleur zijn.
Rheum palmatum wordt veel als sierplant aangeplant en kent daarnaast een lange geschiedenis als geneeskrachtige plant. De soort is niet geschikt om te eten.
Turkse rabarber staat graag op een vochtige, voedzame bodem. De plant groeit in de zon of halfschaduw, maar doet het niet goed op een volledig beschaduwde plek.
Rheum rhabarbarum
Tuinrabarber
Dit is de rabarber die de meeste mensen kennen uit de moestuin. Rheum rhabarbarum wordt ook wel tuinrabarber genoemd.
De eetbare bladstelen kunnen groen tot rood zijn en worden ruim een halve meter lang. De plant zelf kan ongeveer een meter breed en tot twee meter hoog worden.
Dat komt vooral door de grote, donkergroene bladeren. Deze kunnen een diameter van ruim een halve meter bereiken.
Tuinrabarber bloeit meestal in mei en juni. De bloemen zijn groenachtig wit tot rood en staan in grote pluimen.
De plant groeit graag op een vochtige, voedzame bodem en voelt zich prettig in de zon of halfschaduw. Volledige schaduw is minder geschikt.
In Nederland is tuinrabarber winterhard. In de winter sterft het bovengrondse deel af, maar de wortelstok blijft leven. In het voorjaar loopt de plant opnieuw uit.
Rabarber uit eigen tuin
Wie rabarber in de tuin heeft, weet dat de plant ieder voorjaar weer flink kan uitlopen. De stengels worden gebruikt in onder andere compote, taart en jam.
Belangrijk: eet alleen de bladstelen en nooit de bladeren.