winkel
Webwinkel

Witte paardenkastanje – Aesculus hippocastanum

Deze boom, die best fors kan worden, zowel in de hoogte als de breedte, valt aan het einde van de lente en in het begin van de zomer op met zijn grote bloemen, die in een soort toortsen bijeen staan. In deze blog behandel ik deze plant en ga ik ook in op twee andere kastanjes, te weten de rode paardenkastanje (Aesculus x carnea) uit dezelfde familie en de tamme kastanje (Castanea sativa) die tot een andere familie behoort.

 

Familie

De witte paardenkastanje hoort, net als de rode paardenkastanje, bij de zeepboomfamilie (Sapindaceae). Deze familie heeft een update gehad, waardoor ook de esdoorns (Acer), die eerder een eigen familie vormden, en paardenkastanjes (Aesculus), die ook eerder een eigen familie vormden nu tot deze plantenfamilie worden gerekend. De familie is zodoende groot (meer dan duizend soorten) en ook heel divers in verschijning. Hij komt voor in gematigde, subtropische en tropische gebieden, verspreid over de wereld. Er vallen bomen, struiken, lianen en ook wat kruidachtige planten onder. Doorgaans hebben de planten in deze familie vijf kelkbladeren (groene blaadjes onder de bloemblaadjes) en vier of vijf kroonbladeren (de bloemblaadjes). Het aantal meeldraden is vijf tot acht en de bladeren zijn vaak samengesteld.

In Nederland kunnen we van deze familie de paardenkastanjes en de esdoorns tegenkomen. Van de paardenkastanjes is dat hoofdzakelijk de witte paardenkastanje, van de esdoorns zijn dat hoofdzakelijk de gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus), Noorse esdoorn (Acer platanoides) en Spaanse aak (Acer campestre, ook wel veldesdoorn genoemd). Het tweede deel van de Latijnse naam van de gewone en de Noorse esdoorn verwijst naar de plataan (Platanus hispanica), die daar geen familie van is, maar waarvan de handvormige bladeren erop lijken. Bij esdoorns hebben deze vijf “vingers”, bij platanen drie.

Witte paardenkastanje

In de winter kun je deze boom herkennen aan de nogal groot uitgevallen knoppen. Dat is ook een voorbode voor de bladeren, want die zijn ook heel groot: groter dan bij de in Nederland groeiende esdoorns en tamme kastanjes. Elk blad van de witte paardenkastanje bestaat uit vijf tot zeven deelbladeren, die als een soort krans bij de takuiteinden staan. De deelbladeren hebben niet allemaal dezelfde lengte. Het middelste deelblad is aanzienlijk langer dan de buitenste deelbladeren. De deelbladeren lijken wat vorm en grootte betreft ook wel wat op die van de tamme kastanje, maar bij de witte paardenkastanje is alleen het puntje spits en tamme kastanje heeft losse bladeren, geen deelbladeren.

Zo aan het einde van de lente beginnen de witte bloemen te ontstaan. Die zitten bij elkaar, waardoor het geheel er als een soort toorts uitziet. Deze vorm wordt een pluim genoemd. Net als bij de tamme kastanje is de vrucht van deze boom een noot, die ook lijkt op die van de tamme kastanje, zij het dat hij groter is. De noten van de witte paardenkastanje zijn echter niet eetbaar.

Witte paardenkastanje wordt een grote boom. Hij kan rond de 20 meter hoog worden en groeit ook graag in de breedte (bolvormig).

Als deze boom eenmaal wat hoger is (dat duurt meestal niet zo lang, want hij groeit vrij snel), valt op dat hij veel schaduw geeft. Een boom die veel schaduw geeft, kan in de regel ook best veel schaduw hebben. Dat geldt ook voor deze. Een beuk geeft nog meer schaduw en kan nog meer schaduw hebben, maar een witte paardenkastanje tolereert best veel schaduw.

Voorkomen

Witte paardenkastanjes is niet inheems; hij is hier aangeplant. Oorspronkelijk komt hij uit Zuidoost-Europa. Mogelijk zou hij met de klimaatverandering hier anders ook wel gekomen zijn, maar dat is niet zeker. Wat wel zeker is, is dat deze boom het redelijk naar zijn zin heeft in Nederland. Oorspronkelijk aangeplant als straat en parkboom is hij zich ook gaan verspreiden richting de bossen waar beuken niet domineren. Hij staat graag op vochtige tot vrij natte plekken.

Oud wordt deze boom (voor boombegrippen) niet; na ca. 200 jaar (of eerder) sterft hij af. Veel andere bomen kunnen 500 tot soms wel 1000 jaar oud worden.

Ziekte

Sinds even na het jaar 2000 heeft de witte paardenkastanje flink last van een bacterie (Pseudomonas syringae pv. aesculi) die bloedingen kan veroorzaken in bomen, met geregeld de dood van de boom als eindresultaat. Gelukkig zijn niet alle paardenkastanjes hier (erg) gevoelig voor en kunnen aangetaste bomen met warmtebehandelingen (die de boom wel kan hebben, maar de bacterie niet) geholpen worden. Voor nieuwe aanplant van paardenkastanjes (de rode heeft dezelfde gevoeligheid voor deze bacterie) worden resistentere bomen gebruikt.

Er zijn tegenwoordig meer boomsoorten die grote problemen met ziektes hebben, die er voorheen niet waren. De iep (iepziekte) en es (essentaksterfte) kwamen eerder in grote problemen.

Gelijkenis met andere soorten

Er zijn twee bomen die wel wat lijken op de witte paardenkastanje: de rode paardenkastanje en de tamme kastanje. Die behandel ik daarom ook nog in het kort.

aesculus carnea rode kastanje

Rode paardenkastanje (Aesculus x carnea)

Als we kijken naar de Latijnse naam van de rode paardenkastanje, dan valt op dat er een losse ‘x’ in de naam zit. Daar is een reden voor. Zo’n ‘x’ geeft aan dat de soort een kruising is van twee andere soorten, in dit geval is dat een kruising tussen de witte paardenkastanje en de rode pavia (Aesculus pavia).

Hij lijkt sterk op de witte paardenkastanje en bereikt ook een vergelijkbare hoogte; hij wordt tot 16 meter hoog.

Toch zijn er ook verschillen. De bloemen zijn rozerood. Het blad van de rode paardenkastanje is ook anders gevormd (geleidelijke overgang naar de punt aan het einde van het deelblad) en donkerder van kleur dan bij de witte paardenkastanje.

De rode paardenkastanje komt veel minder in Nederland voor dan de witte paardenkastanje en de tamme kastanje.

Tamme kastanje (Castanea sativa)

In tegenstelling tot de paardenkastanjes hoort deze lage boom niet tot de zeepboomfamilie. De tamme kastanje hoort tot de napjesdragersfamilie (Fagaceae), waar ook de beuken en eiken onder vallen.

Hoewel de bladeren wel lijken op de deelbladeren van de paardenkastanjes, staan deze los en meer ruitvormig. De bloei is heel anders: staafjes met veel hele kleine bloemen. Als vrucht heeft deze lage boom een noot. Deze lijkt op die van de paardenkastanje. Het zijn deze nootjes/kastanjes die je kunt eten. Anders dan bij de paardenkastanjes hebben deze nootjes ook een pluisje. Bij paardenkastanjes zit geen pluisje.

Hoewel ik zelden een hoge tamme kastanje tegenkom, kan hij een hoogte van 15-30 meter halen.

Gezondheidseigenschappen

De gebruikte delen van de paardenkastanje in de kruidengeneeskunde zijn meestal de zaden, de bast en het blad. Elk onderdeel van de boom heeft andere inhoudsstoffen die andere effecten in het lichaam hebben.

De zaden zijn rijk aan zetmeel, saponinen en flavonoïden. De schors is rijk aan aescine en flavonoïden, waaronder quercetine. Het blad is rijk aan coumarineglycosiden en tanninen. Meestal worden vooral de zaden en het schors gebruikt in de kruidengeneeskunde en toegepast bij:

  • spataderen en chronische veneuze insufficiëntie
  • kuitkrampen door aderlijke stuwing
  • oedemen
  • restless legs
  • aambeien
  • couperose
  • preventie van aderwandontsteking

Raadpleeg voor gebruik altijd een deskundige. Zeker in geval van ziekte, zwangerschap, borstvoeding en medicatiegebruik.

Wil je iets delen?

Wil je een reactie delen of heb je een vraag?

Door het insturen van het formulier kunt je een reactie achterlaten of een vraag stellen over algemene zaken. Wil je liever direct een consult aanvragen dan kan dat ook.

Stel je vraag!

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Van der Pigge is verbonden met haar zusterbedrijf De Groene Os

Zij maken de beste natuurgeneeskundige middelen voor je geliefde dier. Oerkracht uit de natuur voor grote en kleine huisdieren.

De Groene Os